Verbazing en verwondering

Ik verbaas me over “de dikke ikken” in deze wereld, over de docent die tijdens een diploma-uitreiking het bijna uitsluitend over zichzelf heeft in plaats van over zijn student.
Ik verbaas me over de bestuurder die zijn personeel niet informeert over zijn financiële blunders, over het slechts objectiverende perspectief van vele leiders vanuit het oogpunt van beheersing en controle, over de cijfertjeswereld waarin we leven, over spreadsheet denkers, die de menselijke maat vergeten. Ik verbaas me over het gebrek aan vertrouwen tussen teamleden en management en over een organisatiecultuur.

Ik verbaas (lees: erger) me nog al eens…
Ooit zij een geliefde tegen me als ik me ergerde: Ergert u niet, verwondert u slechts. Verwondering wordt in het dagelijks bestaan veelal synoniem gesteld met verbazing. Maar op een dag word ik wakker en lees ik Cornelis Verhoeven en dan besef ik dat er een wezenlijk verschil bestaat tussen verwondering en verbazing.

Verwondering vindt plaats in mijn hart, verbazing in mijn hoofd. Verbazing lijkt beter de lading van mijn ergernis te dekken dan verwondering en werkt tevens verzachtend en nuancerend op mijn ergernis. Verbazing kan soms verwondering oproepen en mijn ergernis helen. Verwondering is groter dan verbazing. Verwondering is als het ontdekken van nieuwe ervaringen. Verwondering vertraagt. Verwondering vraagt. Verwondering biedt ons creativiteit.

Ik heb gelet op mijn verwondering  de afgelopen week. Ik verwonderde me over de lucht boven de daken die telkens veranderde. Ik verwonderde me over een liefdevol momentje tussen mijn ouders, over het liedje dat mijn moeder zong voor mijn vader.
Ik verwonderde me over een brutale leerling die zachtjes mijn hand pakte en daar met pen een tattoo op wilde tekenen.
Ik verwonderde me over de eenzaamheid die ik voelde terwijl ik midden tussen de mensen vertoefde. Ik verwonderde me over de alwetendheid en het gebrek aan verwondering van iemand.
Ik verwonderde me over een trage dag van ziekte die de tijd om me heen spoelde.

Cornelis Verhoeven heeft het over de dualiteit in onze ervaringen. Systeem en verbijstering, maat en mateloosheid en gewoon en ongewoon…. Als je je verwondert ban je de logica uit. Verwondering zit in kunst, poëzie en filosofie en in de natuur.
Verwondering is ook mysterie, het ongewisse, dat wat we niet kunnen benoemen of plaatsen.
De schok die mij dan overkomt, is als het breekijzer dat onze eigengerechtigheid verbrijzelt en de wereld voor ons opent (Verhoeven). Verbijstering of bevreemding zijn dan ons deel. En betekenisvolle momenten waarin waarden worden onderzocht en moreel beraad ons vragen influistert.
Een druppel die traag over mijn hand kruipt op de laatste dag van 2012. Ik verwonder me over mezelf, over mijn angst om ontoereikend te zijn en de tranen die dit oproept.

Ik wens iedereen in dit bestaan vol vanzelfsprekendheden een jaar van verwondering toe.

bron citaat: Cornelis Verhoeven, Inleiding tot de verwondering. Ambo, Utrecht 1967